Am F C (G) Jij hebt de gratie de stijl en de klasse dat kan je zo zien. Am F C (G) En we hoeven niet eens af te wassen dat doet de machine. Am F C (G) Je weet nooit wat er komt maar het gaat met de vaart van een trein. Am F C (G) Dat is wat het was misschien mag het dat blijven zijn. Am F Want raak ik jou nu verloren C G verlies ik mezelf meer dan ooit. D Dm Want wij zijn voor mekaar geboren Am E maar beseffen dat zelden of nooit. Am F C (G) Er wordt in naam van de liefde gegrinnikt, gegrabbeld, gegraaid. Am F C (G) Er worden zelfs mensen in naam van de liefde genaaid. Am F C (G) We zijn kwetsbaar en eenzaam en caleidoscopisch verward. Am F C (G) Oren vol zoemende muggen en ijs in ons hart. Am F Want raak ik jou nu verloren C G verlies ik mezelf meer dan ooit. D Dm Want wij zijn voor mekaar geboren Am E maar beseffen dat zelden of nooit. Am F C Wie houdt er de sfeer er in, wie gaat nooit in de fout? Am F C Wie zorgt er voor dat vleugje avontuur waar je van houdt? Am F C Wie durft op zondag als je uitslaapt naar de bakker gaan? Am F C Niet dat ik dat ben maar denk daar toch maar eens aan. Am F Want raak ik jou nu verloren C G verlies ik mezelf meer dan ooit. D Dm Want wij zijn voor mekaar geboren Am E maar beseffen dat zelden of nooit. Am F Want raak ik jou nu verloren C G Verlies ik mezelf pas voor goed. D Dm Dan blijf ik je stalken en storen F C Tenzij m’n mobiel het niet doet.